Mazda 6: Rijstrookassistent (LAS) en
rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem
(LDWS) - i-ACTIVSENSE - Tijdens het rijden - Mazda 6 - Instructieboekje (2017)Mazda 6: Rijstrookassistent (LAS) en rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS)

Mazda 6 / Mazda 6 - Instructieboekje (2017) / Tijdens het rijden / i-ACTIVSENSE / Rijstrookassistent (LAS) en rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS)

De rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) waarschuwt de bestuurder dat de kans bestaat dat de auto van zijn rijstrook afwijkt en biedt assistentie bij de besturing om de bestuurder te helpen binnen de rijstroken te blijven.

De vooruitrijcamera (FSC) bespeurt de witte strepen (gele strepen) van de rijstrook waarin de auto zich op dat moment bevindt en als het systeem bepaalt dat de auto mogelijk van zijn rijstrook afwijkt wordt de elektrische stuurbekrachtiging geactiveerd om de bestuurder bij de besturing te assisteren. Het systeem waarschuwt de bestuurder ook door middel van de activering van een rijstrookafwijkingwaarschuwingsgeluid, het trillen van het stuurwiel en het tonen van een waarschuwing in de display.

De stuurwielbediening van de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) heeft "Laat" en "Vroeg" functies voor instelling van het tijdstip van de besturingsassistentie.

Bij de "Laat" instelling assisteert het systeem de bestuurder bij de besturing als de mogelijkheid bestaat dat de auto van zijn rijstrook afwijkt.

Bij de "Vroeg" instelling assisteert het systeem de bestuurder constant bij de besturing zodat de auto in de buurt van het midden van de rijstrook blijft.

Het tijdstip voor "Laat" en "Vroeg" kan worden gewijzigd (tijdstip waarop besturingsassistentie wordt verleend) door de instelling te wijzigen.

De rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) specificatie verschilt afhankelijk ervan of de auto al dan niet met de rijstrookassistent (LAS) is uitgerust. Als uw auto niet is uitgerust met de rijstrookassistent (LAS).

i-ACTIVSENSE

WAARSCHUWING

Vertrouw niet blindelings op de rijstrookassistent (LAS) en rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS):

  • De rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) zijn geen automatische rijsystemen. Daarnaast is het systeem niet bedoeld ter compensatie van onvoorzichtig rijgedrag van de bestuurder en kan blindelings vertrouwen op het systeem ongelukken veroorzaken.
  • De detectiemogelijkheid van de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) is beperkt. Blijf altijd uw baan aanhouden met behulp van het stuurwiel en rijd voorzichtig.

Gebruik de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) niet in de volgende gevallen: De kans bestaat dat het systeem niet adequaat reageert op de werkelijke rijomstandigheden, waardoor ongelukken veroorzaakt kunnen worden.

  • Bij het rijden op wegen met scherpe bochten.
  • Bij het rijden onder slechte weersomstandigheden (regen, mist en sneeuw).
  • Gladde wegen, zoals met ijs of sneeuw bedekte wegen.
  • Wegen met druk verkeer en onvoldoende afstand tussen voertuigen.
  • Wegen met geen witte (gele) rijstrookstrepen.
  • Wegversmallingen als gevolg van wegwerkzaamheden of afgesloten rijstroken.
  • Bij het rijden op een tijdelijke rijstrook of een weggedeelte met een afgesloten rijstrook als gevolg van wegwerkzaamheden waar mogelijk meerdere witte (gele) rijstrookstrepen zijn of waar deze zijn onderbroken.
  • Wanneer de bandenspanning niet op de voorgeschreven druk is afgesteld.
  • Wanneer banden van een andere dan de voorgeschreven maat worden gebruikt, zoals een noodreserveband.

 

OPGELET Neem de volgende punten in acht zodat de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) normaal kunnen functioneren.
  • Geen wijzigingen aan de vering aanbrengen.
  • Gebruik altijd velgen van het voorgeschreven type en formaat voor de voor- en achterwielen. Raadpleeg een deskundige reparateur, bij voorkeur een officiële Mazda reparateur, voor het vervangen van de banden.

 

OPMERKING
  • Wanneer de richtingaanwijzerhendel wordt bediend om van rijstrook te veranderen, wordt de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) automatisch uitgeschakeld. De rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) worden weer operationeel wanneer de richtingaanwijzerhendel wordt teruggezet en het systeem witte (gele) rijstrookstrepen bespeurt terwijl met de auto normaal binnen de rijstrook wordt gereden.
  • Als het stuurwiel, het gaspedaal of het rempedaal abrupt worden bediend en de auto dicht in de buurt van een witte (gele) streep komt, bepaalt het systeem dat de bestuurder van rijbaan verandert en wordt de werking van de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) tijdelijk uitgeschakeld. De rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) worden weer operationeel wanneer het systeem witte (gele) rijstrookstrepen bespeurt terwijl met de auto normaal binnen de rijstrook wordt gereden.
  • Als de auto binnen een korte tijd bij herhaling van zijn rijstrook afwijkt, bestaat de kans dat de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) niet functioneren.
  • De rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) functioneren niet wanneer geen witte (gele) rijstrookstrepen worden bespeurd.

 

OPMERKING
  • Onder de volgende omstandigheden bestaat de kans dat de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) de witte (gele) rijstrookstrepen niet correct kan bespeuren en dat het systeem niet normaal functioneert.
    • Als een voorwerp dat op het instrumentenpaneel geplaatst is in de voorruit weerkaatst wordt en door de camera wordt opgenomen.
    • Wanneer er zware bagage in de bagageruimte of op de achterzitting is geplaatst en de auto overhelt.
    • Wanneer de bandenspanning niet op de voorgeschreven druk is afgesteld.
    • Wanneer andere banden dan conventionele banden zijn gemonteerd.
    • Wanneer de auto op de oprit/afrit van de pleisterplaats of het tolhek van een snelweg rijdt.
    • Wanneer de witte (gele) rijstrookstrepen minder goed zichtbaar zijn doordat deze vuil zijn of de verf afgesleten is.
    • Wanneer een voertuig dat vóór uw auto rijdt nabij de witte (gele) rijstrookstreep rijdt waardoor deze minder goed zichtbaar is.
    • Wanneer de witte (gele) rijstrookstrepen minder goed zichtbaar zijn als gevolg van slecht weer (regen, mist of sneeuw).
    • Bij het rijden op een tijdelijke rijstrook of een weggedeelte met een afgesloten rijstrook als gevolg van wegwerkzaamheden waar mogelijk meerdere witte (gele) rijstrookstrepen zijn of waar deze zijn onderbroken.
    • Wanneer een misleidende streep op de weg wordt waargenomen, zoals bij een tijdelijke streep voor wegwerkzaamheden, of door schaduweffecten, sneeuwresten of gleuven met water.
    • Wanneer de helderheid van de omgeving plotseling verandert, zoals bij het in- of uitrijden van een tunnel.
    • Wanneer de verlichting van de koplampen afgezwakt is als gevolg van verontreiniging of afwijking van de optische as.
    • Wanneer de voorruit verontreinigd of beslagen is.
    • De voorruit, camera is beslagen (waterdruppels).
    • Wanneer achterverlichting vanaf het wegdek reflecteert.
    • Wanneer het wegdek nat en glimmend is na regen, of als er plassen op de weg zijn.
    • Wanneer een schaduw van de vangrail parallel aan een witte (gele) rijstrookstreep op de weg valt.
    • Wanneer de rijstrook smal is (minder dan ongeveer 2,5 m) of breed is (meer dan ongeveer 4,5 m).
    • Bij het rijden op wegen met scherpe bochten.
    • Wanneer de weg buitengewoon oneffen is.
    • Wanneer de auto schokt na een hobbel in de weg.
    • Wanneer er twee of meer naast elkaar gelegen witte (gele) rijstrookstrepen zijn.
    • Wanneer er wegmarkeringen of rijbaanmarkeringen van diverse vormen zijn in de buurt van een kruising.

Kruissnelheidsregelaarfunctie

Terwijl deze functie in werking is, wordt de volgafstandregeling uitgeschakeld en werkt alleen de kruissnelheidsregelaarfunctie. De rijsnelheid kan op hoger dan ongeveer 25 km/h worden ingestel ...

Gebruik van het systeem

Controleer dat het OFF indicatielampje van de rijstrookassistent (LAS) en het rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem (LDWS) in de instrumentengroep uit is. Wanneer het OFF indicatielampje van de ...

Zie ook:

Mazda 6. Op eigen kracht lostrekken van de auto
WAARSCHUWINGLaat de wielen nooit met hoge snelheid doordraaien en let er op dat bij het aanduwen van de auto niemand achter een wiel staat: Het is gevaarlijk wanneer de auto is vastgeraak ...

Mercedes-Benz C-Klasse. Stuurpilot inschakelen
- De toets indrukken. Controlelampje gaat branden. Op het multifunctioneel display verschijnt de melding Stuurpiloot Aan ...

Modellen: